dinsdag 11 december 2007

Rancuneus.

Gisteren is de studiedag geweest dus besluit ik om direct te laten zien dat ik daar wat van heb opgestoken. Iets wat redelijk bijzonder is want normaal kan ik weinig van de inhoud van zulke dagen reproduceren. Een compliment aan de verzorgers van de dag is daarom wel op zijn plaats.
Het gaat te ver om hier uitgebreid stil te staan bij de theorie die gegeven is maar een klein tipje van de sluier wil ik hier toch oplichten.
Stel je voor dat alle mensen potjes zijn waar een rooster op ligt. Het rooster zorgt ervoor dat er uiteindelijk alleen nog maar zo veel mogelijk gewenst gedrag door kan. Maar het rooster kan ook gaan wiebelen waardoor er gedrag naar buiten kan wat niet helemaal door de beugel kan.
In een klas is het lastig als het rooster daar gaat wiebelen. Beter is het dat het rooster uit zijn evenwicht is tijdens de pauze, bijvoorbeeld op de gangen, het plein of de aula om daarna weer, tijdens de lessen, tot rust te komen.
Het is dan ook van het grootste belang, vooral het belang van jezelf, om de leerlingen tijdens de pauze een beetje hun gang te laten gaan waardoor ze echt stoom af kunnen blazen en daarna weer gewoon in de lessen aan het werk kunnen. Dus wat gillen, rennen, sjorren en trekken aan elkaar, om maar wat voorbeelden te noemen, natuurlijk nog wel binnen de grenzen van het redelijke.
Deze theorie van de potjes geldt natuurlijk niet alleen voor leerlingen maar is, volgens mij althans, toepasbaar op iedereen, wat betekent dat mijn rooster ook beter tijdens de pauze dan in de lessen kan wiebelen.
Dus vind ik het tijdens de ochtendpauze wel een geschikt moment om het geleerde op de studiedag in praktijk te brengen.
Als de koffiekamer al redelijk gevuld is en ik juist achter mijn espresso zit maak ik wat ongecontroleerde oergeluiden los waardoor nagenoeg iedereen direct in mijn richting kijkt.
Ik zie hoe Die Blauwe, die met zijn rug naar mij toe in zijn postbak staat te neuzen, helemaal verstijft en op het punt staat om zich geƫrgerd om te draaien, iets waar hij geen gelegenheid voor krijgt.
"Niemand hoeft iets te zeggen. Ik heb gewoon even mijn rooster laten wiebelen zodat ik er dadelijk weer helemaal tegen aan kan. Dus laat niemand het wagen om er wat van te zeggen want dit is wat we gisteren tijdens de studiedag onder andere hebben geleerd!", zeg ik direct op mijn oerontlading.
De aanwezigen kunnen de humor van mijn actie wel inzien maar ik zie dat Die Blauwe andermaal helemaal verstijft.
Het lijkt me vreselijk om zo door het leven te moeten gaan en ik vraag me af of hij wel iets heeft opgestoken van de potjestheorie.
Wie ook weinig tot niets heeft opgestoken van de studiedag is Maat 38.
Ook vandaag is ze weer als een getergde pittbull aan het jagen om leerlingen die op plaatsen zijn waar zij niet mogen zijn. Het zit kennelijk niet in haar systeem om soms iets door de vingers te zien of om leerlingen op een normale manier aan te spreken. Bovendien maakt ze geen onderscheid tussen de diverse leerlingen die toch echt heel erg divers zijn.
Als ik door de grote hal loop zie ik dat ze juist weer een leerling in zijn kladden heeft gepakt en al discussierend naar De Mosselman brengt welke ze tracht op te zadelen met de opstandige puber.
Die is daar, terecht, niet echt van gediend en probeert haar met argumenten te overtuigen om een andere manier van handelen te proberen.
Een dappere maar op voorhand nutteloze actie van De Mosselman omdat wat Maat 38 in haar hoofd heeft niet in haar kont heeft zitten terwijl daar toch juist ruimte genoeg is.
Uiteindelijk sluit De Mosselman een compromis, neemt de jongeman mee maar geeft hem voor zijn geringe vergrijp geen straf.
Maat 38 geeft mokkend toe, voor haar komt de querulant er wel erg makkelijk vanaf, druipt af naar haar hok en De Mosselman denkt dat daarmee de zaak is opgelost.
Een te gemakkelijke en vooral niet geheel juiste inschatting. Want nog geen half uur later zie ik, door de openstaande deur van haar ruimte, dat Maat 38 bij De Kale haar beklag doet over het vermeende onrecht dat haar is aangedaan.
Nu breng ik veel maar dan ook veel meer sympathie op voor De Mosselman dan voor Maat 38 en De Kale samen dus besluit ik hem te waarschuwen als ik hem aan het einde van de dag nog even aantref in de koffiekamer.
Zijn anders zo vriendelijke en open gezicht betrekt en ik vermoed dat Maat 38 dit jaar niet op een kerstkaart van De Mosselman kan rekenen.
Iets wat ik niet veel later met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kan zeggen als we samen naar buiten lopen en ik hem een blik in de kamer van Maat 38 zie werpen die niets aan de verbeelding overlaat.
Gelukkig voor haar en misschien ook wel voor hem, is zij er niet.
Buiten nemen we afscheid van elkaar.
Ik hoop oprecht dat hij een prettige avond heeft en die niet laat vergallen door een rancuneuze collega.

Geen opmerkingen: