dinsdag 2 oktober 2007

Slechte start.


Iets voor negen uur stap ik, stijf en stram door het zaalvoetballen gisteravond, de grote hal in.
Motorpak nog aan, tas en helm in de hand, zwoegend en strompelend een weg zoekend tussen een aantal leerlingen die kennelijk iets anders te doen hadden dan les volgen.
Met veel moeite neem ik het eerste gedeelte van de trap richting de koffiekamer. Nog voor ik goed en wel halverwege ben hoor ik een stem van boven galmen.
"Jou was ik nu net aan het zoeken."
Ik werp een blik naar boven en kijk in het gezicht van De Roostermaker.
Gepijnigd blijf ik staan en zoek steun bij de reling van de trap.
Verbaasd kijkt De Roostermaker mij aan en als verontschuldiging mompel ik iets van: "Komt door het zaalvoetballen."
Begrijpend knikt De Roostermaker hoewel hij, volgens mij nog nooit heeft gezaalvoetbald dus nooit helemaal kan inschatten hoe mijn fysieke toestand is.
Na het uitwisselen van wat vriendelijkheden komt hij ter zake. En dat mag van mij ook wel want ik sta nog steeds bepakt en bezakt op de trap en dat is op zijn minst oncomfortabel te noemen.
"Kan jij concreet aangeven wie er geklaagd hebben over het invallen", doelend op mijn vragen die ik de dag eerder tijdens de teamvergadering onverwacht aan hem had gesteld. Kennelijk heeft hij zich aangevallen gevoeld, in ieder geval niet prettig.
Ik draai er wat om heen, niet van plan mijn bronnen prijs te geven maar geef hem net genoeg om tevreden te zijn.
De Roostermaker voelt zich kennelijk verplicht mij enige uitleg te geven over het gevoerde beleid, iets waar ik gezien de omstandigheden op dat moment wel van af kan zien.
Het was mijn bedoeling geweest om enige aandacht te vragen voor een klein probleempje niet om daarover, buiten de vergadering om, een hele verhandeling te krijgen, zeker niet op de trap, zeker niet in de toestand waarin ik op het moment verkeer.
Met een gepijnigd gezicht kijk ik De Roostermaker aan die de hint eindelijk begrijpt.
Na een korte groet vervolgt hij zijn weg naar beneden en ik naar de koffiekamer.
Twee minuten later heb ik me ontdaan van mijn motorkleding, ligt mijn pak melk in de koelkast, heb ik mijn eerste espresso van de dag te pakken en probeer ik door te dringen tot mijn postbakje.
Daar wordt mij de weg echter versperd door Wannabe en SportySpice die geen oog hebben voor hun onstrategische opstelling, noch voor mij en die in een geheimzinnig gesprek gewikkeld zijn. De geheimzinnigheid is af te leiden uit de houding en de blikken van de beide dames, niet uit het geluidsvolume. Wannabe fluistert zo hard op samenzweerderige toon dat het zelfs aan de andere kant van de koffiekamer te horen moet zijn. Opzet of dommigheid?
Ik doe een dappere poging om de aandacht te trekken teneinde toch nog mijn postvak te kunnen bereiken maar elke poging mijnerzijds is kennelijk tot mislukken gedoemd en ben ik verdoemd om naar de klaagzang van Wannabe te luisteren.
Eigenlijk wil ik niet luisteren maar sommige woorden en flarden van zinnen dringen toch mijn brein binnen.
Woorden en flarden als: "wie zijn zij, je denkt toch zeker niet dat ik dan naar hun pijpen ga dansen, ik heb de hele opzet gemaakt, dit is de omgekeerde wereld, dit pik ik niet, als het zo moet ga ik naar De Kale, die gaat doen wat ik zeg."
Vermoeid van deze gewichtige dikdoenerij draai ik me om en werp een blik op de klok, vijf over negen geweest.
Ik laat mijn postvak maar voor wat het is en zoek mijn lokaal op in de hoop dat de rest van de dag beter wordt dan de start.

Geen opmerkingen: