donderdag 15 november 2007

Overdonderd.


Ik ben vandaag iets meer dan twee uur op school geweest.
Tegen twaalf uur stap ik de grote hal pas binnen. Dat is veel later dan dat ik me in eerste instantie heb voorgenomen.
Iets na twee uur stap ik weer naar buiten en dat is ruim later dan dat ik, toen ik binnen stapte, voor mogelijk heb gehouden.
Dat ik zo laat aankom heeft alles te maken met mijn bezoek aan de dokter. Vaak hebben deze bezoeken, zeker in mijn geval, iets onvoorspelbaars en vandaag vormde de visite aan mijn huisarts daar geen uitzondering op.
Om half negen zit ik al geduldig in de spreekkamer te wachten. Tien minuten te vroeg maar beter te vroeg dan te laat.
Ik zou het prettig vinden als de dokter dat moto ook wat hoger in zijn vaandel zet want, hoewel ik hem een aardige vent vind, is hij kennelijk slecht in plannen of vergeet hij gewoonweg de tijd en dat leidt er weer toe dat ik pas tegen negen uur naar binnen word geroepen. Twintig minuten te laat dus.
Ik beschrijf hem mijn vage klachten waarvan Mijn Juf gister nog zei dat het mogelijk kanker-light is.
Hij denkt daar kennelijk anders over en binnen vijf minuten lig ik in een andere behandelkamer met allemaal plakkertjes op mijn borst, polsen en enkels.
In no-time is er een ECG gemaakt en ik zie al aan de assistente dat er iets niet helemaal jofel is aan de uitdraai maar omdat ze niet direct in paniek naar mijn arts rent maak ik me daar niet druk over temeer daar het mijn eerste prioriteit is om met zo min mogelijk pijn de plakkertjes van mijn borst te trekken wat niet helemaal lukt, hetgeen mij de uitspraak ontlokt dat het beter een martelkamer dan een behandelkamer genoemd kan worden.
Enkele minuten later legt de huisarts uit dat er een minieme kans is geweest dat ik een ontzettend licht hartinfarct heb gehad. Om dat zeker te weten moet ik bloed laten prikken en moet er in het ziekenhuis ook nog een foto gemaakt worden.
Aan het einde van de ochtend heb ik al de door de arts opgedragen taken volbracht en besluit plichtsgetrouw nog even naar school door te rijden.
Daar stap ik dus iets voor twaalf uur binnen.
Ik word direct aangevallen door Maat 38. "Ik dacht dat je ziek was maar dat ben je dus niet!"
Ik probeer zo vriendelijk mogelijk antwoord te geven maar waarschijnlijk geeft mijn gezicht een ander signaal af. Ik vraag me dan ook af waarom ze mij ziek heeft gemeld maar ik besluit wijselijk om haar dat maar niet te vragen.
Daarna wordt ik belaagd door een aantal collega's die echt willen weten hoe het is afgelopen. Tegen Juf Bassie, die gister nog zo smakelijk heeft gelachen om de grappen van Mijn Juf, dat de mogelijkheid van kanker-light nog niet helemaal is uitgesloten wat weer tot een grote grijns op haar gezicht leidt.
Daarna ga ik opzoek naar De Roostermaker. Ik tref hem met de helft van mijn groep in een lokaal. Als ik binnenstap lijkt het wel of ik tegen een muur aanloop, het moet in het lokaal minstens vijfentwintig graden zijn. In één oogopslag zie ik dat alle ramen potdicht zitten en dat de verwarming op vijf staat. Hoe hij het uithoudt in die hitte is mij een raadsel, ik besluit om het hem maar niet te vragen.
Wel siert het hem om zijn bezorgdheid te tonen. Belangstellend vraagt hij wat er precies aan de hand is en bereidwillig verstrek ik hem de noodzakelijke antwoorden.
Voordat hij weg gaat geeft hij me nog het dringende advies om me niet al te druk te maken en het rustig aan te doen.
Daarna vertrekt hij en laat hij me alleen met mijn leerlingen. Gelukkig is het maar voor tien minuten. Tenminste dat denk ik.
Snel doe ik de ramen open waardoor er weer een beetje frisse lucht het lokaal in kan stromen.
Nog voor ik goed en wel de ramen open heb staat De Roostermaker weer achter me.
"Kan jij vanmiddag de twee uren die je vanochtend niet gewerkt heb inhalen zodat jou leerlingen niet naar huis gestuurd hoeven te worden?"
Totaal overdonderd, iets wat me niet zo heel vaak overkomt, zeg ik toe te blijven ondanks het feit dat het mijn vrije middag is en ik een toch niet al te prettige ochtend achter de rug heb.
Als hij daarna weer spoorslags verdwijnt komen bij mij zijn eerdere woorden weer naar boven drijven: "Maak je niet te druk en doe het een beetje rustig aan!"
Ik vraag me af wat hij daar nu precies mee heeft bedoeld.

Geen opmerkingen: